Verworteling:
- Is een beschrijving over worteling en het gevaar van ontworteling door het fysiek en psychisch op drift raken van grote groepen mensen
- Is waarin het begrip waarheid van mensen op paradoxale wijze benaderd wordt zoekend naar een evenwicht tussen polen van een oppositie zonder dat tussen één van die polen gekozen hoeft te worden
- Is waarin de mens in worteling bijna alles van z’n morele, intellectuele en spirituele leven opvangt van dat waarvan de mens op natuurlijke wijze deel uitmaakt
- Is waarin worteling te maken heeft met het zoeken naar een samenhang zoals aangeduid wordt met het Oudgriekse begrip ‘logos’
- Is waarbij in worteling er behalve cognitief denken ook een intuïtieve vorm van denken moet bestaan met openheid voor wat er uit een ruimere wereld om ons heen transcendent tot ons kan komen
- Is waarin bij worteling behalve afstandelijk denken met verstand er ruimte moet bestaan voor het gevoel en de beleving
- Is waarin geworteld zijn mogelijk de belangrijkste en meest miskende behoefte van de ziel van een mens is omdat geworteld wordt door actieve en ‘natuurlijke’ (d.i. verbondenheid met plaats, geboorte, beroep of omgeving) deelname aan een gemeenschap
Ontworteling:
- Is de gevaarlijkste ziekte in de samenleving van de mens omdat dit euvel zich in veelvoud kan verspreiden
- Kan worden veroorzaakt door een gebrekkig verlangen naar waarheid
- Heeft tot gevolg dat wie ontwortelt raakt anderen ontwortelt (terwijl wie geworteld is anderen niet ontwortelt)
- Wordt gestimuleerd omdat een oorlogsactie veel makkelijker te bedenken is dan een vredesactie omdat daarvoor inspiratie en een hogere graad van bewustzijn nodig is
- Wordt gestimuleerd door het huidige vooruitgangsgeloof waardoor het goede van voorbijgaande aard gemaakt wordt
- Wordt gestimuleerd door slechts op de rede te vertrouwen terwijl de menselijke gedachten zwerven naar gelang gevoelsmatige indrukken die worden opgedaan
- Kan worden overgebracht door voortschrijdende techniek waarin alleen technisch deskundigen nog de dienst uitmaken en een maatschappij gekarakteriseert wordt door een utiliteitsstreven (‘iets of alles moet nut hebben’)
- Wordt gestimuleerd door de huidige plaats van religie in de samenleving: als iets voor alleen op zondagmorgen
- Wordt gestimuleerd door een verlangen naar de waarheid in de huidige wetenschap terwijl alleen stukjes kennis worden verworven die dat verlangen niet ondersteunen
- Wordt gestimuleerd door het idee dat in ruimte en tijd iets tot op atomair niveau te isoleren is terwijl het aan taal ontbreekt om woorden te geven aan de samenhang
- Kan worden tegengegaan door spirituele ontwikkeling die als de hoogste graad kan gelden van de worteling van de mens in het universum (al dan niet ondersteund door een authentiek religieus denken waarbij authentiek slaat op de universele oriëntatie ervan)
- Kan worden tegengaan door het bedrijven van politiek die in oorsprong ervan nauwe verwantschap kent met de kunsten
- Is in de geschiedenis door de westerse wereld overgebracht op onder andere Afrika

Verplichting:
- Gaat altijd vooraf aan het recht omdat het recht daaraan ondergeschikt is en recht alleen kan werken in relatie tot een verplichting
- Kan in tegenstelling tot het recht onvoorwaardelijk zijn
- Is geen feit waaraan een overeenkomst ten grondslag ligt omdat de verplichting nooit kan worden veranderd en een overeenkomst wel
- Is een tijdloos iets, een uiting van het goede, het onvoorwaardelijke, heeft geen enkel fundament maar verwijst wel naar universeel bewustzijn
- Komt altijd voort uit de essentiële menselijke behoeften
- Is steunend voor de orde van de menselijke ziel omdat die orde bestaat uit een netwerk van sociale betrekkingen waarin niemand een verplichting hoeft te schenden om aan andere verplichtingen te kunnen voldoen
- Kan mededogen voeden waarmee wij mensen gevoel kunnen terugvinden
De ziel heeft nodig:
- Orde, rust, zekerheid, zorg, waarheid en zuiverheid
- Een verlangen naar het goede en niet naar prestatie en competitie
- Vrijheid als voedingsstof en reële mogelijkheid
- Gehoorzaamheid waarmee instemming bestaat
- Verantwoordelijkheid en initiatief
- Gelijkheid want verschillende omstandigheden zijn niet meer of minder maar anders
- Hiërarchie opgevat als een symboolfunctie in een gebied boven dat van elk mens
- Wachten waardoor de mens wordt ontdaan van gerichtheid op het ego omdat ambities van het ‘ik’ daarmee worden opzijgezet
- Meer dan respect voor het individu omdat een mens onderdeel is van de sociale omgeving
- Straf want bij misdaad zet een mens zich uit de tijdloze verplichtingen (waarmee een gemeenschap verbonden is) waarna nieuwe verbinding met de gemeenschap kan volgen als een gestrafte instemt
- Meningsvrijheid als een absolute behoefte van ons intellect dat met de ziel verbonden is
- Risico; omdat afwezigheid ervan tot angst leidt
- Privébezit omdat het wezen van de mens daarmee bevestigd wordt met iets van buiten de directe nabijheid van die mens
- Collectief bezit waarin medezeggenschap bestaat
Bron:
Simone Weil, ‘Verworteling – Wat we de mens verplicht zijn’, Uitgeverij IJzer, Utrecht, 2022