- Over het goede:
Ongelukkigen hunkeren naar het goede. Ze hebben woorden nodig die alleen iets goeds uitdrukken in de pure vorm.
Het bezit van een recht is vreemd aan het goede omdat de mogelijkheid bestaat om er goed of slecht gebruik van te maken.
De vervulling van een verplichting is altijd en overal goed net als rechtvaardigheid, mededogen, waarheid en schoonheid.
De essentie van straf is het goede te verschaffen en de kunst ervan zou moeten zijn het opwekken van verlangen naar het puur goede in plaats van wraak.
Er is een werkelijkheid buiten het bereik van menselijke vermogens waaraan het verlangen wordt beantwoord naar het absoluut goede (dat in deze wereld geen doel heeft).
- Over het denken:
De denkende geest die in taal gevangen zit is alleen tot meningen in staat maar elke geest die geleerd heeft gedachten op te vangen die niet in woorden zijn uit te drukken verkeert in het domein van waarheid.
- Over rechtvaardigheid en vrijheid:
Rechtvaardigheid houdt een vermogen tot ‘instemmen’ in; de mogelijkheid om instemming toe te kennen huist in de vrijheid (waarbij instemming geen handelswaar is omdat vrijheid niet kan worden gekocht).
De ziel heeft vrijwillige gehoorzaamheid en vrijheid nodig. Een gehoorzaamheid waarmee is ingestemd zorgt ervoor dat er legitieme autoriteit ten opzichte van de ander kan ontstaan.
Bron:
Simone Weil, ‘Waar strijden wij voor? – Over de noodzaak van anders denken’, Uitgeverij IJzer, Utrecht, 2021
